Naar inhoud springen

paardenharen

Van Wiktionary

Nederlandjs

[bewirk]

Zelfstenjig naamwaord

[bewirk]

Neet-lemma

[bewirk]

paardenharen mv /'pa:r.də(n).ha:.rə(n)/

  1. (neet-lemma) mieëvaadsvorm van paardenhaar